Categorieën
Saxofoon

Hoe leer je jezelf saxofoon? Lesboeken en meer

Door middel van zelfstudie saxofoon leren spelen of je speelniveau verbeteren: hoe pak je zoiets aan? Wat zijn goede lesboeken als je jezelf altsaxofoon of tenorsaxofoon wilt leren spelen? Hoe werken die muziekmethodes precies en bij welke zit daar een cd of dvd bij? En hoe voorkom je dat je verkeerde gewoonten aanleert als je niet in de gelegenheid bent om muzieklessen te nemen? Welke aanvullende bronnen kun je gebruiken om op een voordelige manier sax te leren spelen?

Dit artikel bestaat uit de volgende paragrafen.

Altsaxofoon of tenorsaxofoon of ….?

Omslag Tipboek saxofoon: de complete gids inclusief grepentabellen; Hugo Pinksterboer; afbeelding waarop man altsaxofoon speelt
Tipboek saxofoon: de complete gids inclusief grepentabellen (bol.com)

Als je saxofoon wilt gaan spelen, kies je waarschijnlijk voor de populairste sax, te weten de altsaxofoon.

Wil je liever tenorsaxofoon of sopraansaxofoon spelen, kijk dan of de muziekmethode van je keus een speciale versie voor dat type sax heeft. Saxofoons zijn namelijk transponerende instrumenten. De altsaxofoon is een Es-instrument. Dat wil zeggen: als je een C speelt, klinkt er een Es. Een sopraansaxofoon en een tenorsaxofoon zijn allebei Bes-instrumenten. Dat betekent dat als je een C speelt, er een Bes klinkt.

Dit verschil is relevant als je met de bij je muziekmethode bijgevoegde cd wilt meespelen. Als de methode van je keus geen speciale versie voor de sopraansaxofoon of de tenorsaxofoon heeft, kun je overigens wel gebruik maken van die methode en met behulp van transponeersoftware zoals Best Practice 1.03 op je computer met de cd meespelen.

Een goed begin op de saxofoon

Omslag van het Engelstalige boek Saxophone for Dummies van Denis Gäbel en Michael Villmow (384 bladzijden).
Saxophone for Dummies (bol.com)

Ook al is het mogelijk om als absolute beginner op muziekgebied jezelf saxofoon aan te leren, maar dat is heel wat makkelijker als je al over enige voorkennis op muzikaal gebied beschikt.

Een reeks van vijf of tien introductielessen of kennismakingslessen saxofoon op een muziekschool kan je een goede basis verschaffen en je helpen voorkomen dat je jezelf allerlei foute technieken aanleert die je later niet dan met de grootste moeite weer kunt afleren als je merkt dat je ‘niet verder’ op je instrument komt.

Natuurlijk spreekt het voor zich dat als je een heel jaar of zelfs een aantal jaar les neemt, dit je zal helpen om binnen relatief korte tijd veel muzikale vooruitgang te boeken. Mocht je echter, om wat voor reden dan ook, niet in de gelegenheid zijn om muziekles te nemen, dan is dat nog geen reden om niet aan het muziekinstrument waarvan je al zo lang droomt, te beginnen. Maar ga eerst eens na wat jou kan helpen om van zelfstudie een succes te maken.

De volgende stap met je saxofoon zetten

Kun je al behoorlijk goed op je sax uit de voeten, bijvoorbeeld omdat je eerder een aantal jaren saxofoonles hebt genoten? En je hebt nu geen zin of gelegenheid meer om les te nemen? Overweeg dan eens om zelf aan de slag te gaan met het boek Serious Sax: met begrip altsaxofoon leren spelen. Bij deze methode van Jaap Kastelein en Karl Veen hoort een bijgeleverde cd en een cd-rom met veel extra materiaal.

Praktische informatie over het saxofoon (leren) spelen

Ben je niet op zoek naar oefenstukken en speelstukken maar naar uitgebreide uitleg over alles wat met de saxofoon te maken heeft, van grepentabellen, houding, embouchure en ademsteun tot het bewerken van rietjes, dan kun je denken aan het Tipboek saxofoon van Hugo Pinksterboer, aan The Art of Saxophone Playing van Larry Teal of Saxophone for Dummies  van Denis Gabel en Michael Villmow  Alle drie de boeken zijn onder andere verkrijgbaar via bol.com.

Studiemethoden voor de saxofoon

Populaire studiemethoden voor de saxofoon zijn:

Deze saxofoonboeken worden geregeld gebruik voor zelfstudie omdat je er wat technische aanwijzingen voor het saxofoonspel in aantreft. Toch zijn deze boeken, op de Jazz Method for Saxophone na, niet zozeer speciaal bedoeld om jezelf saxofoon te leren, maar eerder om je te helpen je met behulp van een leraar de stof eigen te maken.

Easy Steps

Deel 1 van de muziekmethode Easy Steps: in eenvoudige stappen altsaxofoon leren spelen. Methode samengesteld door Jaap Kastelein en uitgegeven door De Haske / Hal Leonard
Easy Steps deel 1: in eenvoudige stappen altsaxofoon leren spelen inclusief dvd en 2 cd’s. (bol.com)

De tweedelige muziekmethode Easy Steps voor altsaxofoon is samengesteld door Jaap Kastelein. Bij deel 1 van deze methode horen 2 cd’s en een dvd (alledrie bijgeleverd). Bij deel 2 van horen 2 cd’s en een cd-rom (eveneens bijgeleverd).

Wat deze methode bijzonder maakt, zijn de meegeleverde dvd (bij deel 1) en de cd-rom (bij deel 2). Op de dvd kun je zien en horen waarop je moet letten bij het spelen op een saxofoon. Zo voorkom je onnodige beginnersfouten die je later niet dan met de grootste moeite kunt afleren. Deze dvd kun je eventueel op een dvd-speler, maar ook eenvoudig op je pc of laptop afspelen. Op de dvd staan bovendien alle begeleidingstracks op mp3-formaat. Zo kun je jezelf gemakkelijk de beginselen van het saxofoon spelen, leren.

Verder kun je vanaf je computer de bij de speelstukken behorende pianopartijen afdrukken. Deel 1 bevat 8 trio’s; in deel 2 staan er 12. Van al die trio’s kunnen zowel de partituur als de losse partijen worden afgedrukt.

Voor allebei de delen is een afzonderlijke uitgave voor de altsaxofoon en de tenorsaxofoon verkrijgbaar. Speel je sopraansaxofoon? Geen probleem. Dan gebruik je gewoon de versie voor de tenorsaxofoon.

De saxofoonmethode Easy Steps is speciaal bedoeld voor de jeugd. Zowel de speelstukken als de oefeningen kun je meespelen met de begeleiding. Bovendien worden de stukken op de begeleidingscd voor jouw gemak vaak ook een keertje inclusief jouw solo voorgespeeld.

De methode bestaat uit een aantal oefen- en speelstukken, vaak voorzien van verhelderende illustraties. De oefeningen zijn onder meer gericht op samenspel met een of twee andere instrumentalisten, of op de training van je gehoor. Je vindt in deze methode ook een aantal muzikale spelletjes.

Het tempo van de muziekstukken op de cd ligt prettig laag. Vind je het speeltempo toch nog te hoog? Je kunt dit eenvoudig aanpassen met behulp van het programmaatje BestPractice 1.03 als je de muziek op een pc of laptop draait. Er bestaat ook speciale afspeelapparatuur waarmee je de snelheid van muziek zelf kunt instellen en ook de toonhoogte kunt transponeren. Misschien is een dj-cd-speler van Tascam, Numark, Pioneer, Reloop, Stanton of JB een goede oplossing voor jou.

Herken je het probleem dat je op een gegeven moment erg lang bij een stuk blijft steken, omdat het nog te moeilijk voor je is. Het grote voordeel van de leermethode Easy Steps is dat de moeilijkheidsgraad van de stukken in tegenstelling tot bij veel andere methodes het geval is, mooi geleidelijk oploopt.

Deze vernieuwde methode van uitgeverij De Haske / Hal Leonard is op een aantal muziekscholen in gebruik, vaak naast de reeks Horen, lezen & spelen.

Horen, lezen & spelen

Omslag van deel 1 van de driedelige muziekmethode Horen, lezen & spelen voor de altsaxofoon; uitgegeven door muziekuitgeverij De Haske
Horen, lezen & spelen, deel 1: methode voor altsaxofoon (met cd)

De veelzijdige en populaire muziekmethode Horen, lezen & spelen voor de saxofoon is samengesteld door Michiel Oldenkamp en Jaap Kastelein en uitgegeven door De Haske / Hal Leonard. Aan deze driedelige methode hebben in de hafabrawereld bekende componisten zoals Jan en Jacob de Haan en Jan van der Roost meegewerkt. Voor de altsaxofoon, sopraansaxofoon en de tenorsaxofoon voor alle drie de delen afzonderlijke uitgaven verkrijgbaar.

Bij ieder deeltje vind je een (audio-)cd. In het eerste deel speelt de bekende saxofonist Leo van Oostrum de solo’s voor de saxofoon voor. Die kun je daarna met de begeleiding naspelen. Bij de volgende twee delen staat alleen de begeleiding op de cd.

In deze lesmethode vind je als muziekleerling wat korte aanwijzingen bij een aantal stukken. De methode is dan ook niet bedoeld voor zelfstudie, maar voor gebruik onder leiding van een leraar.

Elk leerboek bestaat uit oefeningen en speelstukken, aangevuld met handige tips. Verder vind je muziekpuzzels en luisterquizzen en melodietjes om zelf af te maken. De methode is zowel geschikt voor gebruik door de jeugd als door volwassenen.

Veel muziekscholen werken met deze driedelige serie Horen, lezen & spelen, al dan niet in combinatie met de Nederlandse editie van de eveneens populaire methode Easy Steps van Jaap Kastelein of de Nederlandse editie van de al wat oudere en wat meer klassiek getinte methode Learn as You Play: Saxofoon van Peter Wastall.

Methode van de 21e eeuw

De Methode van de 21e eeuw voor de altsaxofoon bestaat uit twee delen, elk met een bijgeleverde cd. Deze muziekmethode is samengesteld door Frank Glaser en uitgegeven door Izis.

In deze methode vind je géén informatie over houding en speeltechnieken, maar wel veel bladmuziek. Wil je zonder hulp van een leraar jezelf mensen saxofoon leren spelen? Dan zou je dit boek naast een zelfstudiemethode kunnen gebruiken.

De moeilijkheidsgraad van de stukken wordt geleidelijk opgevoerd. Deel 1 is bedoeld voor je eerste leerjaar op de saxofoon. Dit deel bevat 58 bladzijden met 71 stukken, waaronder veel duetten. Deel 2 is bedoeld voor je tweede leerjaar. Dit deel bevat 54 bladzijden met 39 langere stukken.

Learn As You Play: Saxofoon; Nederlandse editie

Deze methode Learn as You Play: Saxofoon van Peter Wastall wordt al weer heel wat jaren voor zelfstudie gebruikt. De Nederlandse editie van deze door Boosey & Hawkes / Buffet Crampon uitgegeven methode is al sinds 1989 verkrijgbaar.

Let erop of je een uitgave met of zonder cd koopt. Je kunt de cd weliswaar afzonderlijk kopen, maar dan ben je duurder uit dan wanneer je direct een uitgave met bijgeleverde cd aanschaft. Ook de bijbehorende bladmuziek met pianobegeleiding is los te koop.

Bedenk dat deze methode bedoeld is voor de altsaxofoon. Natuurlijk kun je de methode bijvoorbeeld ook voor de tenorsaxofoon of de sopraansaxofoon gebruiken, maar dan kun je niet meespelen met de cd, omdat die specifiek voor de altsaxofoon geschikt is.

In deze methode Learn as You Play: Saxofoon vind je een groot aantal verhelderende afbeeldingen over het leren spelen op de saxofoon, vaak aangevuld met een uitgebreide toelichting Deze leergang bestaat uit oefeningen, etudes en speelstukken. Heb je serieuze belangstelling om vaardigheid op te bouwen qua speeltechnieken op de saxofoon en om je muzikaal inzicht te vergroten? Dan doe je met deze leermethode, die gericht is op de eerste muziekexamens, een goede keus.

In de 24 lessen van deze methode tref je uitgebreide, duidelijke technische en muzikale aanwijzingen aan. Denk aan het op de juiste manier in elkaar zetten van de verschillende onderdelen van je saxofoon, het ontdekkken van een gezonde speelhouding, het notenschrift leren lezen plus het leren welke grepen bij die noten horen, tot en met het krijgen van aanwijzingen voor de voordracht van speelstukken.

Telkens vind je de theorie toegelicht aan de hand van korte oefeningen en speelstukken. Tot deze methode behoren ook duetten en enkele echte concertstukken. De lesmethode Learn as You Play: Saxofoon is bijzonder geschikt voor volwassenen. Let op dat er zowel een Engelstalige als een Nederlandstalige editie van dit boek verkrijgbaar is.

The Jazz Method for Saxophone (Engelstalig)

Omslag van The Jazz Method for Saxophone van John O'Neill. uitgegeven door Schott
The Jazz Method for saxophone met cd; verkrijgbaar voor altsax en tenorsax (bol.com)

Gaat je belangstelling speciek uit naar jazzmuziek voor de saxofoon? Denk dan eens aan de Engelstalige methode The Jazz Method for Saxophone Deze populaire saxofoonmethode van John O’Neill bevat 96 pagina’s en wordt uitgegeven door Schott Music Ltd.

Er bestaat een speciale versie voor de altsaxofoon en eentje voor de tenorsaxofoon. Wil je deze methode voor de sopraansaxofoon gebruiken? Kies dan de versie voor tenorsaxofoon.

Deze methode met cd bevat een complete cursus voor jonge en oudere saxofonisten. Je krijgt informatie over houding, embouchure en muziektheorie (waaronder noten lezen en improvisatie). In deze leergang vind je onder meer de nodige aandacht voor toonladders en arpeggio’s en akkoordpatronen.

Je leert populaire jazz songs en kunt deze meespelen met de play-along tracks op de cd. Tot de songs in deze leergang behoren: Autumn Leaves, Chi Chi, Doxy, Easy Living, Footprints, I Remember You, Maiden Voyage, Meditation, Satin Doll, So What, Song for My Father enzovoorts. The cd bevat in totaal 87 nummers met voorbeelden en (authentieke!) begeleiding.

In tegenstelling tot de meeste hierboven genoemde methoden, is The Jazz Method for Saxophone wel speciaal ook bedoeld voor zelfstudie. Al gaat er natuurlijk niets boven feedback van een bevoegd muziekdocent.

Conclusie

Zelfstudie is weliswaar geen ideale manier om saxofoon te leren spelen, maar met een goede aanpak en degelijke lesmethodes zijn er reële mogelijkheden om dit muziekinstrument zelfstandig onder de knie te krijgen.

Dossier saxofoon

Dit artikel maakt deel uit van het dossier saxofoon.

Categorieën
Musiceren algemeen

Via zelfstudie een muziekinstrument leren spelen?

Wil je jezelf een muziekinstrument leren spelen? Wat moet je weten om te kunnen inschatten of zelfstudie op dit gebied iets voor jou zou zijn? Welke factoren helpen als je langs deze weg aan een bepaald muziekinstrument wilt beginnen of als je je vaardigheid naar een hoger niveau wilt brengen? Hoe zorg je ervoor dat je geen verkeerde gewoonten aanleert als je geen les van een professioneel muziekdocent neemt?

Factoren die jezelf een muziekinstrument leren tot een succes maken

Afbeelding van omslag Tipboek piano en vleugel, tweede uitgebreide druk
Tipboek piano en vleugel (bol.com)

Hoe je het ook keert of wendt, zelfstudie is bepaald niet de snelste manier om een goede instrumentalist te worden. Maar er zijn nu eenmaal situaties waarin muziekles geen optie is. Voordat je aan zelfstudie begint, is het handig om voor jezelf na te gaan of de meeste van de volgende succesfactoren op jou van toepassing zijn.

Zelfdiscipline

Zie jij kans om (bijna) elke dag minimaal dertig minuten vrij te maken om te oefenen op je muziekinstrument? Bedenk dat oefenen iets anders is dan zomaar wat ‘leuke liedjes spelen’. Oefenen bestaat onder meer uit het spelen van toonladders en intervallen en uit het gericht werken aan bepaalde ‘lastige loopjes’. Natuurlijk kun je je beperken tot het spelen van lekker in het gehoor liggende speelstukken, maar verwacht dan niet dat je veel technische vorderingen zult maken.

Een ander punt is, ben jij in staat zonder hulp van een muziekdocent concrete leerdoelen voor jezelf te bepalen en die geregeld bij te stellen? Kun je dergelijke leerdoelen stellen op basis van (je eigen beleving van) je vorderingen?

Enige muzikale ervaring

Beschik je over enige, of liefst uitgebreide ervaring met het spelen op een ander muziekinstrument dan het instrument dat je nu wilt leren spelen? Dat levert je een voorsprong op ten opzichte van mensen die nog nooit zelf muziek hebben leren maken.

Stel dat je eerder al een bepaald blaasinstrument hebt leren spelen, bijvoorbeeld dwarsfluit, en je wilt nu saxofoon of klarinet of een ander blaasinstrument leren spelen. Dan heb je niet alleen het voordeel dat je al noten kunt leren lezen en misschien zelfs aan de hand van bladmuziek al een globaal idee hebt van de manier hoe die muziek klinkt, maar je weet dan waarschijnlijk ook wel een en ander over ademsteun.

En als je bijvoorbeeld van de gitaar wilt overstappen op de piano, dan heb je het voordeel dat je waarschijnlijk al een en ander weet van de opbouw van akkoorden en hoe je deze kunt toepassen.

Dergelijke ‘voorkennis’ op een ander muziekinstrument helpt je, zeker in het beginstadium van je zelfstudie, om wat vlottere vorderingen te maken dan het geval zou zijn als je een echte beginner op muziekgebied was.

Overigens, als je kiest voor een tweede instrument uit dezelfde muziekinstrumentenfamilie, moet je er wel voor oppassen dat je de techniek van het ene instrument niet op die van het andere instrument toepast.

Omslag Tipboek saxofoon: de complete gids inclusief grepentabellen; Hugo Pinksterboer; afbeelding waarop man altsaxofoon speelt
Tipboek saxofoon: de complete gids inclusief grepentabellen (bol.com)

Neem bijvoorbeeld de familie van de enkelrietinstrumenten. Heb je al eerder klarinet hebt geleerd? En wil je nu aan de saxofoon beginnen? Dan ben je mogelijk geneigd een ‘glimlachembouchure’ op de sax toe te passen, maar ook al krijg je daarmee wel een redelijk geluid uit je saxofoon, voor een goed geluid zul je moeten leren om je lippen niet breed naar achteren te trekken maar enigszins samengetrokken naar voren. Voor de preciezen onder ons: natuurlijk is dit een ongenuanceerde weergave van de verschillen in embouchure tussen de klarinet en de saxofoon. Dit voorbeeld is slechts bedoeld als indicatie van het feit dat een instrument uit dezelfde ‘familie’ toch een heel andere speeltechniek kan vergen.

Iets dergelijks geldt bijvoorbeeld voor de familie van de strijkinstrumenten: als je al eerder viool leerde spelen en je wilt nu overstappen op de cello, zul je je een geheel nieuwe speelhouding eigen moeten maken.

Gebruik van meer muziekmethodes naast elkaar

Voor zelfstudie geldt zo mogelijk nog meer dan voor reguliere muziekles dat je met een systematische aanpak de beste kans maakt om relatief snelle en goede resultaten te bereiken. Volg daarom een doordacht opgezette muziekmethode, liefst met informatie over de verschillende aspecten waarop je tijdens het oefenen moet letten.

Voor de meeste muziekinstrumenten zijn er diverse leerboeken op de markt (al dan niet met cd of dvd) die in meerdere of mindere mate geschikt zijn voor zelfstudie. Zoek om te beginnen een methode die jou qua opzet en muziekstijlen aanspreekt.

Het probleem met veel muziekmethodes is dat de moeilijkheidsgraad al vaak na enkele oefen- en speelstukken vrij hoog komt te liggen. Juist omdat je de feedback van een goede docent mist, kun je dan op een plateau blijven steken. Om toch voortgang te kunnen blijven boeken, zou je verschillende muziekmethoden naast elkaar kunnen gebruiken. Ben je in het ene lesboek vastgelopen? Probeer eens een andere muziekmethode. Met een beetje geluk kun je daarin de draad weer oppakken. Dan hoef je niet alsmaar te blijven worstelen met voor jou op een bepaald moment nog onmogelijk te spelen oefeningen of speelstukken, maar kun je met frisse moed verder gaan in een andere lesmethode.

En het spreekt voor zich dat je naast muziekmethoden ook ter afwisseling ‘gewoon leuke muziek naar je smaak speelt. Verandering van spijs doet eten, zegt men. En dat geldt ook voor bladmuziek. Google eens wat op muziektitels die jou aanspreken en met een beetje geluk vind je er een zetting van die geschikt is voor jouw eigen muziekinstrument en je speelniveau.

boek met tips over alles wat je over de viool wilt weten
Tipboek viool en altviool (bol.com)

Nog een tip: vul je muziekmethode aan met eenTipboek voor jouw specifieke muziekinstrument
De reeks Tipboeken wordt uitgegeven door de Tipbook Company. Voor de meeste muziekinstrumenten bestaat er een tipboek. Denk bijvoorbeeld aan het populaire Tipboek Saxofoon.

Deze ‘tipboeken’ vormen geen lesmethode. En evenmin vind je er bladmuziek in. Maar je vindt er wel een wereld vol achtergrondinformatie en praktische tips over het instrument dat je (beter) wilt leren spelen. Denk bijvoorbeeld aan betrouwbare informatie over de manier waarop je een goed muziekinstrument uitzoekt en waarop je allemaal moet letten als je een tweedehands instrument wilt kopen of over het onderhoud van je instrument. In sommige boeken vind je ook een handige grepentabel.

Kijken en luisteren naar goede spelers op je instrument en feedback vragen

Oriënteer je zo breed mogelijk op je instrument. Bijvoorbeeld door youtube-filmpjes of muziekprogramma’s op tv te bekijken waarop een professional het muziekinstrument van jouw keus bespeelt. En natuurlijk ook door concertbezoek.

Beschik je al over een zekere basisvaardigheid op je instrument? Grijp dan elke kans op samenspel met beide handen aan. Samenspelen met een of meer andere instrumentalisten is niet alleen geweldig leuk om te doen, maar bovendien leerzaam. Je merkt dan welke aspecten van je muzikale spel je specifieke aandacht behoeven. In een samenspelgroep(je) of muziekensemble of zelfs een orkest onder leiding van een professionele dirigent spelen, stimuleert bovendien je muzikale ontwikkeling.

Wanneer begin je aan een muziekmethode voor zelfstudie?

afbeelding van een kwartetspel over alles wat met het notenschrift te maken heeft.
Notenkwartetspel om speels het muziekschrift te leren (notenbalken, muzieknoten en muziekbegrippen) (bol.com).

Als je een echte beginner op een toets- snaar- of blaasinstrument bent, is het zonder meer aan te bevelen om eerst een aantal muzieklessen van een gediplomeerd muziekdocent te nemen, voordat je op eigen kracht verder gaat. Juist als je in de eerste lessen goede feedback krijgt, kun je voorkomen dat je verkeerde technieken gaat ontwikkelen die later niet dan met de grootste moeite zijn af te leren.

Bedenk ook dat als je les krijgt van een geschikte muziekdocent je, dankzij de persoonlijke aanwijzingen die je krijgt, je aanzienlijk snellere vorderingen maakt dan wanneer je jezelf dat bepaalde muziekinstrument leert.

Veel muziekscholen bieden de mogelijkheid om tegen een voordelig tarief kennis met een bepaald muziekinstrument te maken. Je kiest dan, afhankelijk van de muziekschool, voor een reeks van bijvoorbeeld vijf of tien introductielessen of kennismakingslessen op het instrument van jouw keus, voordat je besluit om al dan niet voor langere tijd les te gaan nemen. In die periode kun je ook voor jezelf nagaan of muziekles nemen voor jouw muzikale ontwikkeling een zinvolle investering is, dan wel dat zelfstudie beter bij jouw persoonlijkheid en/of persoonlijke omstandigheden past.

Kortom, als je als complete beginner zelfstudie overweegt, doe je er goed aan om toch eerst tenminste enkele muzieklessen op dat bepaalde instrument te nemen.

Durf jij zelfstudie aan?

Zelfstudie is bepaald niet ideaal als je een muziekinstrument goed wilt leren spelen. Maar als je het goed doordacht aanpakt met behulp van een goede studiemethode, je in staat bent om kritisch naar je eigen spel te kijken, je kans ziet om geregeld van andere instrumentalisten feedback te vragen en met hun tips aan de slag te gaan, en je vooral over het nodige geduld beschikt, kun je een muziekinstrument zelfstandig onder de knie te krijgen.

Dossier muziek algemeen

Dit artikel maakt deel uit van het dossier muziek algemeen.

Categorieën
Online muziekcursussen Viool

Vioolspelen: MOOC-cursus lesgeven aan beginners op de viool of altviool

Wat zijn de belangrijkste aspecten waarop je moet letten als je vioolles aan beginners wilt geven?  Hoe leg je een gezonde en solide basis voor muzikaal vioolspel bij je muziekleerlingen? In de MOOC-cursus Teaching the violin and viola: creating a healthy foundation; leer je waarop je allemaal wilt letten als je kinderen viool wilt leren spelen. In deze cursus van tien weken over viooldidactiek worden aan de hand van veel instructieve video’s en toelichtingen daarop uitgelegd wat de essentiële punten waarop je bij het viool leren spelen, moet letten.

boek met tips over alles wat je over de viool wilt weten
Tipboek viool en altviool (bol.com)

Overigens, er zijn volgens de discussies in het forum dat bij de MOOC-cursus hoort, ook studenten die aan de hand van die cursus zichzelf viool proberen te leren spelen.

Het spreekt voor zich dat les nemen van een bevoegd viooldocent ideaal is als je zelf viool wilt leren spelen of als je de viool na een aantal jaren weer opnieuw wilt oppakken. Maar als je, om wat voor reden dan ook, niet in de gelegenheid bent om (weer) op les te gaan, kan deze cursus mogelijk uitkomst bieden.

Dit artikel is opgebouwd uit de volgende paragrafen.

De MOOC-vioolcursus Teaching the violin and viola: creating a healthy foundation

De MOOC-cursus Teaching the violin and viola: creating a healthy foundation is ontwikkeld door Stacia Spencer. Zij is Senior Lecturer aan de Bienen School of Music die deel uitmaakt van de Northwestern University in de Verenigde Staten.

MOOC staat voor Massive Open Online Courses. Cursussen van dit type kun je gratis volgen. Je kunt vrijwel altijd een officieel bewijs van deelname krijgen en in een aantal gevallen (tegen betaling) een officiële erkenning van je behaalde resultaten in de vorm van een Verified Certificate (via het zogenaamde Signature Track). Dat geldt ook voor deze specifieke cursus. De meeste MOOC-cursussen worden enkele keren per jaar gegeven.

Deze Engelstalige MOOC-vioolcursus kent een holistische aanpak. De cursus bestaat grotendeels uit video’s waarin vioolpedagogie aan de hand van praktische voorbeelden stap voor stap wordt uitgelegd. De cursus is bedoeld voor beginnende en ervaren viool- en altviooldocenten en duurt tien weken. Houd rekening met een tijdsbeslag van drie tot vijf uur per week. Zoals hierboven al genoemd, wordt deze cursus niet alleen gebruikt door viooldocenten, maar ook door  mensen die zichzelf met behulp van deze MOOC-cursus de beginselen van het vioolspel willen bijbrengen.

Filosofieën en pedagogische theorieën over kinderen viool leren spelen

foto van Scarlatti 3/4 viool met strijkstok in koffer incl. schoudersteun
Scarlatti 3/4 viool incl. fijnstemmers, strijkstok, koffer, super speelklaar en incl. schoudersteun (bol.com)

In week 1 krijg je een uitleg over de belangrijkste filosofieën en pedagogische theorieën van vooraanstaande vioolpedagogen over het lesgeven aan kinderen.

Verder leer je wat de kenmerken zijn van een goede relatie tussen ouder, leerling en de viooldocent.

Je krijgt informatie over de manier waarop je een muziekinstrument selecteert dat past bij een specifieke vioo;leerling. In de video zie je hoe het ‘aanmeten’ van een viool voor een kind in zijn werk gaat in een vioolspeciaalzaak.

Je maakt een begin met het werken aan een goede houding van je leerling, het vasthouden van de viool en met het in de goede stand plaatsen van de linkerhand (met o.a. de gedachte aan een ei).

Foto van Zlata carbon strijkstok
Zlata carbon-fiber strijkstok voor viool (bol.com)

De positie van de rechterarm en -hand en de strijkstok bij beginners op de viool

Les twee heeft als doel dat je leert hoe je je leerlingen op de juiste manier de boog leert vasthouden. Hierbij besteed je aandacht aan de positie van de rechterarm en -hand (inclusief de positie van de pink). Je leert hoe je werkt aan een ontspannen rechterhand en je legt een basis voor het hanteren van de strijkstok. In dat verband schenk je aandacht aan de manier waarop de strijkstok over de vioolsnaren beweegt.

Verder maak je een begin met het doen herkennen van een ideale toon uit de viool, met het spelen van ritmes en met de manier hoe je opstreken en afstreken laat uitvoeren.

Coördinatie van de viool en de strijkstok

In les drie krijg je informatie over de manier waarop je de leerling leert om de viool en de strijkstok samen te brengen. Je helpt je leerling om de drie

Foto van Zlata carbon strijkstok voor altviool
Zlata carbon-fiber strijkstok voor altviool (bol.com)

basisstreken aan te leren: (martelé, détaché en legato).

Je schenkt aandacht aan de linkerhand voor het ontwikkelen van een ideale handpositie en aan een goede intonatie. Verder werk je aan het toepassen van de geschikte druk en snelheid van de strijkstok om te komen tot een mooie toon. Je helpt je leerling bij het aanleren van goede oefentechnieken.

Het eerste speelstuk heet Sh Sh. Daarvoor is geen gebruik van de linkerhand nodig. Het tweede speelstuk draagt als titel See Saw. Daarbij wordt de eerste vinger van de linkerhand gebruikt. Bij het derde speelstuk See the Little Monkey worden voor het eerst ook de tweede en derde vinger van de linkerhand gebruikt.

Muziekstukken in A-majeur

In les vier leer je met behulp van van muziekstukjes in A-groot (o.a. Twinkel, twinkel kleine ster, Strawberry Red, Lightly Row en Go Tell Aunt Rhody, Brother John (in het Nederlands beter bekend als Vader Jacob) hoe je leerling met zijn strijkstok kan werken aan een ideale toon en intonatie. En ook de manier waarop je je vioolleerling kunt leren zijn hand, duim en vingers het beste op de snaren kan plaatsen.

Tevens leer je strategieën voor het oefenen van détaché-, martelé-, and legatostreken met de bovenste helft van de strijkstok.

Verder komt het oefenen van vibrato op de open snaren aan de orde. Tenslotte wordt gewerkt aan een ideale, zingende toon en een duidelijke intonatie.

Spelen met de hele strijkstok

foto van Scarlatti 4/4 viool met strijkstok in koffer
Scarlatti 4/4 viool inclusief fijnstemmers, strijkstok en koffer (bol.com)

In les vijf leer je hoe je een volwassen leerling de strijkstok laat vasthouden en ermee strijken.
Aan de orde komen het gebruik van détaché-, martelé-, and legatostreken met de hele strijkstok. Verder ga je aan de slag met het laten oefenen met de derde vinger, en met de vierde vinger. Ten slotte maak je een begin met het leren onthouden van complexe patronen.

Een en ander wordt uitgelegd aan de hand van het lied Long, Long Ago (op de wijs van beter bekend als ’t Roodborstje tikt tegen het raam, tik, tik, tik)   van het kerstlied Oh Come Little Children(op de wijs van Er ruist langs de wolken). Tenslotte wordt het lied Butterfly, Flutterby behandeld.

Speelstukken in D-majeur

In deze les 6 komen aan de orde:

  • Spelen op de D-snaar
  • Een toonladder spelen met de hele strijkstok
  • Oefenen van speltechniek met alle vier de vingers
  • Oefenen van afstreken en verschillende articulatietechnieken
  • Nieuwe ritmes herkennen en oefenen
  • Een begin maken met het noten leren lezen. In dit verband krijg je de bladmuziek van de stukken die tot en met deze les zijn ingestudeerd.
    Ontwikkelen van geschikte oefengewoonten, zoals het onderscheiden en isoleren van lastige passages.

Een en ander wordt behandeld met behulp van de volgende stukken:

  • Hop, Hop, Hop
  • Fox, You ‘ve stolen the Goose
  • All the Birds are already here
  • Bach Musette
  • Hushabye
Foto van GEWA-viool Maestro 56
GEWA Maestro 56 viool (bol.com)

Speelstukken in G-majeur

In deze zevende les staat de toonsoort G-groot centraal. Je helpt je leerling deze toonladder over twee octaven spelen en ook de arpeggio’s van deze toonsoort. Je leert je leerling onderscheid te maken tussen de hoge en lage tweede vinger. Verder leer je hem hoe je van moeilijke passages études kunt maken. Ook komen enkele nieuwe boogvoeringstechnieken aan de orde. En er wordt een begin gemaakt met de toonsoort D-mineur.

Een en ander wordt behandeld met behulp van de volgende speelstukken

  • Wohlfahrt Etude in G
  • Menuet
  • Menuet in G
  • The Happy Farmer
  • All the Pretty Little Ponies

Noten lezen, vibrato en groepslessen

In de video’s bij deze les acht leer je wat best practices zijn om je leerlingen noten te leren lezen. Ook het grip krijgen op ritmes komt op een speelse manier aan de orde. En verder wordt ook het beginnen met het vibratospel behandeld.

Eveneens krijg je uitgebreide informatie over groepsdynamiek bij vioollessen en leer je hoe je het maximum uit een groepsles kunt halen.

Ten slotte is er aandacht voor een gezonde en ontspannen speelhouding. Denk in dit verband aan spelletjes zoals het laten bewegen van de strijkstok als de ruitenwisser van een auto. Met dit soort spelletjes help je  de techniek van beginners op de viool te verbeteren.

Liedjes die aan de orde komen zijn onder andere Eggs en Boil the Cabbage

Favoriete oefeningen voor wat oudere leerlingen

Foto van Gewa elektrische viool
Gewa E-viool novita (bol.com)

In deze lesweek krijg je informatie en oefeningen voor het lesgeven aan wat oudere leerlingen. Hen kun je bijvoorbeeld ‘air viool’ laten spelen. Je laat je leerling dan net doen alsof hij een viool in handen heeft. Feitelijk gaat het hier om ‘droog’ spelen, dus zonder instrument. Op deze manier kan de leerling zich optimaal concentreren op zijn handhouding. Ook krijg je in deze les informatie over het leren hanteren van de strijkstok aan wat oudere leerlingen.

Masterclass met vioolpedagogen Mimi Zweig en met Roland en Almita Vamos

In deze les tien krijg je twee uitgebreide video’s te zien met een masterclass gegeven door de vioolpedagogen Mimi Zweig en met Roland en Almita Vamos. Hier zie je onder andere verschillende manieren om feedback en instructie te geven. Verder merk je dat de speeltechnische aspecten die van belang zijn voor beginnende violisten en altviolisten ook voor gevorderde vioolleerlingen relevant blijven.

Als je een certificaat voor deze MOOC-cursus wenst

Je kunt eventueel een certificaat voor deze MOOC-cursus halen. Je kunt kiezen voor een ‘Statement of Accomplishment’ (geheel gratis) of voor een ‘Verified Certificate via de Signature Track’ (tegen betaling). In beide gevallen moet ten minste 70% van de maximale score hebben behaald.
Je cijfer wordt als volgt bepaald:

  • Je wekelijkse ‘quiz’resultaten (van een korte toets met meerkeuzevragen) tellen voor 30% mee.
  • Je actieve deelname aan het forum bij deze cursus telt eveneens voor 30%.
  • En de de zogenaamde peer review (beoordeling van je werk door andere deelnemers aan deze cursus) van twee door jou te schrijven essays wegen mee voor 40%.

Wanneer wordt de MOOC-cursus over het lesgeven op viool of altviool gegeven?

De meeste MOOC-cursussen worden enkele keren per jaar gegeven. Kijk bij de eerstvolgende mogelijkheid om deze en andere vioolgerelateerde MOOC-cursussen via Coursera te volgen.

Dossier viool

Dit artikel maakt deel uit van het dossier viool.

Bronnen en verder lezen

  • Teaching the violin and viola: creating a healthy foundation; door Stacia Spencer Senior Lecturer aan de Bienen School of Music; https://www.coursera.org/course/teachingstrings
Categorieën
Piano

Positie van je pols, hand en vingers bij het pianospelen

Voordat je daadwerkelijk de eerste toetsen aanslaat, is het van belang om op een ontspannen manier de juiste zithouding voor de piano aan te nemen. Daarbij let je, om te beginnen, op de positie van je hoofd, schouders armen en ellebogen. Daarna concentreer je je op het aannemen van de juiste positie van je polsen, handen en vingers. Een gezonde houding achter de piano is namelijk van groot belang om duurzaam en muzikaal piano te leren spelen.

Het belang van een comfortabele en vrije houding van handen en vingers bij het pianospel

Afbeelding van omslag Tipboek piano en vleugel, tweede uitgebreide druk
Tipboek piano en vleugel (bol.com)

Josef Casimir Hofmann (1876-1957) is bij tijdens zijn leven zeer beroemde Amerikaans pianist en componist van Poolse afkomst. (Zijn oorspronkelijke naam luidt Józio Kazimierz Hofmann). Van zijn hand is het boek Piano Playing; With Questions Answered.

Hij adviseert in zijn boek om bij het pianospel de handen en vingers in het algemeen zo vrij mogelijk en op een comfortabele manier te bewegen. Daarmee bedoelt hij dat je moet streven naar een natuurlijke houding van handen en vingers die deze spontaan aannemen als je je handen op een betrekkelijk ontspannen manier op het toetsenbord plaatst. Want alleen op die manier blijven deze flexibel. En dat is noodzakelijk voor een muzikaal pianospel.

Je pols iets lager dan je hand houden?

Carl Humphries adviseert in zijn The Piano Handbook om de polsen iets lager te houden dan de rest van de hand. Volgens hem moet de pols ontspannen aanvoelen, maar niet in zo’n sterke mate dat de hand daardoor op de piano zakt. Het is de bedoeling dat je pols je hand op een ontspannen manier ondersteunt bij het pianospel.

Of je pols een fractie hoger dan je hand houden?

foto van lichtgewicht, compacte Roland digitale piano met 61 toetsen
handzame digitale Roland GO:PIANO (GO-61P) met 61 toetsen (bol.com)

Josef Hofmann adviseert in zijn boek Piano Playing With Piano; Questions Answered daarentegen om de polsen een fractie hoger dan de handen te houden. In het onderdeel van dit boek waarin hij antwoord geeft op vragen van lezers, meldt hij een voorkeur voor een ‘gemiddelde’ houding, dat wil zeggen: niet hoog en ook niet laag. Volgens hem moet het heffen of laten zakken van de polsen tijdens het piano spelen beperkt blijven tot speciale gelegenheden.

Hij is dus voorstander ervan dat je arm en pols een min of meer rechte lijn vormen.  Je arm mag dus niet een hoek  met je pol vormen. Hofmann waarschuwt tegen het onbewust spannen van de pols.  Zijn advies komt erop neer dat je  je erop concentreert dat je de kracht van je arm via je hand overbrengt naar je vingertoppen. Let erop dat je arm daarbij niet gespannen is, want daar krijg je vermoeidheidsklachten van. En houd er rekening mee dat het je mogelijk maanden van pianostudie kost voordat je met de vereiste mate van ontspanning in je armen kunt spelen.

Hoe houden beroemde pianisten hun polsen?

Als je bijvoorbeeld op youtube kijkt naar de handen van beroemde pianisten, zie je variaties in de manieren waarop zij hun polsen houden. Maar allemaal hebben deze pianisten een ontspannen houding.

Laat je polsen niet kantelen

foto van handen met gebogen vingers op de pianotoetsen
Kinderhanden aan de piano

Zorg dat je polsen niet gekanteld zijn als je piano speelt, anders is het niet mogelijk om je knokkels evenwijdig aan het toetsenbord te houden. Houd je handen zoveel mogelijk evenwijdig aan het toetsenbord, Streef ernaar dat de toppen van je (gebogen!) vingers in de basishouding ongeveer het midden van de pianotoetsen raken.

Hoe los je het probleem van stijve polsen op?

Is door een verkeerd gebruik van je polsen daarin een zekere stijfheid ontstaan?  Dan, kun je erger voorkomen, en sterker nog, de stijfheid leren te verminderen door advies in te winnen bij een deskundige op het gebied van de Alexandertechniek of een andere deskundige op ergonomisch gebied.

Zijn je polsen stijf, omdat je ze tot nu toe weinig of niet gebruikt?  zouden volgens Hofmann oefeningen in het spelen van octaven zinvol kunnen zijn. Hij adviseert om tijdens het oefenen goed te letten op je polsen en ze rust te gunnen zodra je ook maar het eerste gevoel krijgt dat ze verstijven.

Wat is ‘ademen met de polsen’ als het om pianospelen gaat?

Hoe vreemd het op het eerste gezicht ook klinkt, sommige invloedrijke pianodocenten, zoals Carola Grindea (1914-2009) adviseren om met de polsen te ‘ademen’. Daarmee bedoelen ze dat de pianist tijdens het spelen zijn polsen voortdurend afwisselend omhoog en omlaag brengt om spanning in de polsen tegen te gaan. Een beweeglijke pols is ontspannen en dat stelt je in staat om sneller te spelen en bovendien minder gauw moe te worden.

Waarom je piano het beste met gebogen vingers speelt

Omslag van het boek Pianospelen voor Dummies
Pianospelen voor Dummies (bevat audio-cd om mee te oefenen) (bol.com)

Er zijn diverse goede redenen waarom je het beste je vingers gebogen houdt bij het pianospelen. Op die manier maak je het verschil tussen de lengte en vorm van de verschillende vingers namelijk zo klein mogelijk.

Als je de toppen van je gebogen vingers op de toetsen zet, en je de knokkels van je hand evenwijdig aan het toetsenbord plaatst, komt je duim vanzelf in de juiste speelpositie. In die speelpositie is de duim enigszins naar binnen gebogen (in de richting van je hand) en kun je de duim gemakkelijk onder de vingers bewegen of de vingers over de duim zetten bij het spelen op de piano.

Overigens, de vingers moeten ook weer niet te sterk gekromd zijn, want dit zou volgens Carola Grindea kunnen leiden tot focale dystonie. Denk hierbij aan het onwillekeurig opkrullen van een of meer vingers. Een andere deskundige meent dat, fysiologisch gezien, je op de voor je fysiologie natuurlijkste manier speelt als je nog je nagels onder je licht gebogen vingers tijdens het pianospelen kunt zien.

Arthur Rubinstein, een beroemd Pools-Amerikaanse componist van Joodse afkomst (1887-1982) speelde met betrekkelijk licht gebogen vingers.

Zou je met min of meer recht gehouden vingers spelen, dan hebben de topjes van je vingers de neiging om naar buiten te knikken. Dat bemoeilijkt het spelen van snelle loopjes en is ook ergonomisch gezien onverstandig.

Hofmann neemt op het punt van de gebogen vingers een pragmatisch standpunt in. Naar zijn mening telt alleen het resultaat als je op een bepaalde manier piano speelt. Levert het spelen met sterk gebogen vingers tot een ongelijk of brokkelig spel? Verander dan de curve die je vingers maken net zolang tot je hebt ontdekt welke mate van gebogenheid bij het pianospel het beste bij jouw hand past.

Zorg ervoor dat je vingernagels niet al te lang zijn: dat bemoeilijkt het spelen met gebogen vingers. Houd je nagels bij voorkeur relatief kort.

De rol van de duim bij het pianospel

Samen met de positie van de middelvinger is ook die van de duim van het grootste belang voor een goede en precieze vingertechniek. Om te beginnen moet je erop letten dat als je de toetsen met de middelvinger of duim aanslaat, je niet de hele hand, laat staan de arm beweegt.
Als je een toonladder speelt, kun je je duim het beste enigszins gebogen naast de wijsvinger houden. Op die manier is je duim direct in de juiste houding als je hem nodig hebt.

De rol van de pink bij het pianospel

De pink is de zwakste van alle vingers. Je bent daarom wellicht geneigd om die vinger zo min mogelijk te gebruiken en waar mogelijk in plaats daarvan een toets met een andere vinger aan te slaan. Het probleem met deze ‘oplossing’ is dat de pink te weinig wordt getraind en dus altijd veel zwakker dan de andere vingers blijft.

Als je een zeer groot interval wilt spelen, heb je misschien de neiging om een van de toetsen met de zijkant van je pink aan te slaan. Hofmann is daar mordicus op tegen. Hij vindt dat de pink altijd de normale gebogen positie moet aanhouden. Alleen in uitzonderingsgevallen, bijvoorbeeld wanneer er veel kracht nodig is, zou hij met gestrekte pink een toets aanslaan.

Het spreekt voor zich dat je een bij jouw postuur goed passende speelhouding het beste en het snelste via een pianodocent aanleert. Als je daarvoor geen tijd of geld hebt, is het van belang dat je jezelf grondig verdiept in wat er allemaal komt kijken bij het zelf piano leren spelen.

Dossier piano

Dit artikel behoort tot het dossier piano in opbouw. Andere artikelen van dit dossier hebben onder meer  betrekking op het belang van een goede speelhouding voor het pianospel en op de manier waarop je het beste achter de piano kunt zitten.

Bronnen en verder lezen

  • Adult Piano Adventures All-in-One Lesson Book 1; Nancy en Randall Faber; Hal Leonard
  • The Piano Handbook: A Complete Guide for Mastering Piano; Carl Humphries;
  • Adult All-in-One Course: Lesson, Theory, Technic; Williard Palmer, Morton Manus en Amanda Vick Lethco; Alfred;
  • Teach Yourself to Play Piano: a Quick and Easy Introduction for Beginners: Hal Leonard Corp;
  • Piano Playing; With Questions Answered; Josef Hofmann; Theodore Presser Company;
  • Playing the Piano: Playing with Fire? A Study of the Occupational Hazards of Piano Playing; dissertatie van Jónas Sen; september 1991; http://rsi.unl.edu/text/musicmed.txt
  • Afbeelding van handen op de piano; zaui/Scott Catron; licensed under the Creative Commons Attribution-Share Alike 2.0 Generic license; http://commons.wikimedia.org/wiki/File:Piano_practice_hands.jpg